Bij de melding van de maand oktober is uw mening gevraagd. Deze casus ging over een kleine, bejaarde patiënt die na toediening van 4 EC’s symptomen passend bij een transfusiereactie kreeg. De volledige casus is onderaan deze pagina na te lezen. Er zijn enkele reacties bij TRIP binnengekomen. Hieronder een bespreking van de aandachtspunten en een korte samenvatting van de reacties op deze melding van de maand.
Het verloop van de vitale functies:
De temp.daling is opvallend en tensiestijging gecombineerd met saturatiedaling kunnen aanwijzingen voor een beginnende volume overbelasting (of ander type transfusiereactie) zijn. Bij een kleine patiënt die binnen 24 uur tijd 4 EC’s toegediend heeft gekregen zou dit wellicht aanleiding moeten zijn om met de arts te overleggen en een potentiële transfusiereactie aan het lab te melden.
Voor zover bekend bij TRIP heeft patiënt bij opname geen symptomen van decompensatio cordis en is er geen cardiale pathologie of verminderde nierfunctie in de voorgeschiedenis, wel is er in het verleden sprake geweest van hypertensie. Er zijn geen chronische of acute respiratoire problemen. Dus op de eerste risicofactoren uit de TACO tool kan met “nee” geantwoord worden. Maar wat preventief beleid betreft moet wel meegewogen worden dat het een kleine, hoog bejaarde patiënt met diepe anemie betreft (<50 kg en Hb 3,4 mmol/L). Het effect van de transfusies zou in zo’n geval na ieder EC / voor start volgend EC beoordeeld moeten worden. Daarnaast moet overwogen worden om de toedieningssnelheid voor deze patiënt te verlagen.
Wanneer eerst het effect van EC3 zou zijn beoordeeld (dag 2 08:00 uur Hb 6,1 mmol/L) en zeker als ook de uitslag van de X-thorax zou zijn meegewogen (dag 2 09:00 uur fors hart en mediastinum, diffuus versterkte longvaattekening) dan is aannemelijk dat EC4 niet meer zou zijn toegediend op dag 2 om 11:30 uur.
De vraag rijst of deze reactie voorkomen had kunnen worden. Wat is uw mening?
Zou u bij deze casus een Overig incident melden? Zo ja, welke gebeurtenis(sen) is/zijn in strijd met uw protocol/werkafspraken?
Er zijn dus eigenlijk twee redenen waarom bij deze casus een Overig incident gemeld kan worden. Deze casus illustreert dat temp.daling zelden wordt onderkend als uiting van een transfusiereactie. Ook symptomen zoals saturatiedaling en tensiestijging (eveneens al waargenomen bij afsluiten EC4) worden dikwijls niet gemeld aan het lab als er niet tevens sprake is van de meer bekende symptomen zoals temp.stijging of KR. Deze symptomen kunnen echter ook zonder KR of koorts wijzen op een (beginnende) transfusiereactie zoals volume overbelasting, hemolyse of bacteriëmie/sepsis. Onderzoek hiernaar is nu uitgebleven.
Hoe is het gesteld met het melden van dit soort reacties aan het transfusielaboratorium in uw instelling?
Casus oktober 2020
Een hoog bejaarde patiënt wordt opgenomen via de SEH met diarreeklachten (sinds enkele maanden) en verdenking op rectaal bloedverlies/melena. Patiënt is verzwakt en wat suf, mogelijk is er enige dehydratie. Het betreft een kleine patiënt (gewicht bij opname <50 kg). De voorgeschiedenis vermeldt hypertensie (1991); osteoporose met wervelinzakkingen (1995); artrose (2013) en gegeneraliseerde pijnklachten (2014) waarvoor patiënt paracetamol gebruikt. Het Hb bij opname is 3,4 mmol/L, daarop worden voor patiënt 4 erytrocytenconcentraten (EC) voorgeschreven met controle van het Hb na inlopen van het 2e EC. Patiënt krijgt een waakinfuus met NaCL 0,9%, er is geen sprake van ruime intraveneuze vochttoediening.
Vroeg in de avond wordt de eerste transfusie toegediend (voorgeschreven inlooptijd 1 à 2 uur). Binnen 24 uur tijd zijn alle vier de EC’s toegediend. Ongeveer 10 uur na afsluiten van het 4e EC voelt patiënt zich niet goed, moe, kortademig en heeft een piepende ademhaling. Er is tachycardie, polsdrukstijging, aanzienlijke tensiestijging en saturatiedaling. De diagnose volume overbelasting wordt gesteld. Met O2 toediening en ontwateren knapt de patiënt vlot weer op en herstelt uiteindelijk volledig van de reactie. De symptomen van patiënt zijn niet direct in verband gebracht met de transfusies en er is op dat moment geen melding gedaan van een transfusiereactie aan het laboratorium. Na de 4 EC’s en ontwateren blijkt het Hb de volgende ochtend gestegen tot 8,3 mmol/L. De forse Hb stijging is reden geweest voor de hemovigilantie professionals van het ziekenhuis om bij de behandelaar navraag naar deze casus te doen.
Van de X-thorax die in ochtend na opname circa 9:00 uur is gemaakt om een (kleine) hematothorax uit te sluiten en met vraagstelling “infiltraat? RIP*?”, luidt de beoordeling door de radioloog: “Matig geïnspireerd. Geen pleuravocht. Fors hart en mediastinum. Hili opgebouwd uit vaten. Diffuus versterkte longvaattekening. Geen infiltraat of RIP” Bij de reactie op dag 3 is er niet opnieuw een X-thorax gemaakt.
* RIP = ruimte innemend proces
Dag 1 |
bij opname | Voor start EC1 | Controle na 10 minuten | Bij afsluiten EC1 | Voor start EC2 | Controle na 10 minuten | Na afsluiten EC2 voor start EC3 |
| Temp | 36,8 | 36,7 | 36,8 | 36,8 | 36,8 | 36,8 | 36,8 |
| Pols | 98 | 103 | 109 | 110 | 101 | 105 | 101 |
| Tensie | 131/64 | 136/63 | 132/57 | 123/59 | 135/63 | 138/66 | 138/66 |
| O2 saturatie | 98 | 95 | 97 | 99 | 98 | 99 | 99 |
| Hb | 3,4 | 5,0 | |||||
| Medicatie/O2 | 1000 mg PCM | ||||||
| UP |
Dag 2 |
na afsluiten EC3 | Ca. 7:00 | 8:00 uur | Ca. 11:30 voor start EC4 | Controle na 10 minuten | na afsluiten EC4 | In de avond |
| Temp | 36,4 | 36,4 | 36,2 | 36,4 | 35,5 | 36,4 | |
| Pols | 93 | 90 | 84 | 84 | 93 | 98 | |
| Tensie | 141/69 | 141/68 | 123/64 | 124/61 | 177/74 | 134/65 | |
| O2 saturatie | 95 | 95 | 96 | 96 | 93 | 96 | |
| Hb | 6,1 | ||||||
| Medicatie/O2 | 1000 mg PCM | 500 mg PCM | 1000 mg PCM | ||||
| UP | 500 | 350 | 250 | 275 ml |
Dag 3 |
vroeg in de nacht | Ca. 1:00 | Ca. 1:15 | Ca 3:00 | Ca 5:00 | 8:00 uur | Ca 12:00 |
| Temp | 36,9 | 36,4 | 36,6 | 37,1 | 36,9 | 35,9 | |
| Pols | 130 | 118 | 107 | 110 | 110 | 96 | |
| Tensie | 242/119 | 209/107 | 195/92 | 172/86 | 163/85 | 132/67 | |
| O2 saturatie | 88 | 94 | 97 | 93 | 95 | 95 | |
| Hb | 8,3 | ||||||
| Medicatie/O2 | 5 L O2 neusbril | 40 mg furosemide i.v. | |||||
| UP | 100 mL | 1500 mL | 1100 mL | 650 mL |
TRIP melding: |
Volume overbelasting (TACO), ernst 1, imputabiliteit waarschijnlijk
|
Dinsdag 7 april 2026 was de 100e geboortedag van Professor Jon J. van Rood (1926-2017), een baanbrekende Nederlandse immunoloog wiens werk de transfusie- en transplantatiegeneeskunde wereldwijd voorgoed heeft veranderd. Zijn ontdekking van het menselijk afweersysteem en de oprichting van cruciale organisaties hebben miljoenen levens beïnvloed. Als hoofd van de Bloedbank van het academisch ziekenhuis Leiden […]
Hier kunt u de presentatie vinden die Nelleke Richters gegeven heeft op de Meet the Expert bijeenkomst op 31 maart 2026.